Voor mij is wandelen inmiddels kunst. Een kunst die ik de afgelopen jaren heb mogen ontdekken, omdat ik daarvoor gelukkig fit genoeg ben. Een kunst die is ontstaan door simpelweg de ene voet voor de andere te zetten in combinatie met de kennis en vaardigheden om iets moois of betekenisvols te creëren. Het wandelen -en dus buiten-zijn- is voor mij dus regelmatig verbonden met het maken van iets nieuws. Dit blog begin ik met het verkennen van zowel de oorspronkelijke als de moderne betekenis van kunst. Vervolgens bespreek ik wat voor mij wandelkunst is. Om af te sluiten met hoe jij ook wandelkunst kunt creëren.
Oefening baart kunst
De bovenstaande uitspraak kent iedereen wel. Het vat de oorspronkelijke betekenis van kunst goed samen. Namelijk de kennis, vaardigheid of bekwaamheid die door oefening is verkregen. Verschillende beroepen, maar ook sporten vragen dat je kundig bent. En dat kan op verschillende niveau’s. Dat geldt ook voor wandelen. Je kunt gewoon een stukje gaan wandelen in je directe omgeving en dat vraag weinig kunde. Je kent immers de paden en het vereist ook weinig inspanning. Maar voor een stuk wandelen in de bergen met een rugzak heb je zowel kennis als vaardigheden nodig. Je hebt niet alleen een goede conditie nodig, maar een kaart kunnen lezen om de goede route te kunnen volgen, is ook noodzakelijk. Het is een kunst die ik anderen ook graag leer tijdens een wandelvakantie in Zweden.
Ik kan me nog goed herinneren dat ik in het begin vaak onzeker was of ik wel het goede pad volgde en dat ik het terrein vaak maar lastig vond. Terwijl dat dus eigenlijk mijn eigen onervarenheid was. Maar na vele jaren bergwandelen in verschillend terrein weten mijn voeten nagenoeg vanzelf waar ze heen moeten en herken ik makkelijk hoe routes zich ontvouwen.
Dat kan een kind van vier ook!
Nog zo’n uitspraak die veel gehoord wordt als het over kunst gaat. Maar een belangrijk aspect mist als we het hebben over de moderne betekenis van kunst. Het gaat namelijk om de bewuste creatie van iets betekenisvols met vaardigheden en/of verbeelding. Het doel is niet altijd iets moois te maken. Het kan ook schokkend of ontroerend zijn. De vorm kan heel divers zijn, bijvoorbeeld een schilderij, verhaal of dans. Dit vereist dat je in ieder geval kundig bent, zoals ik hiervoor heb beschreven. Maar de extra dimensie is dat je een bepaald aspect van de werkelijkheid wilt uitdiepen en verbeelden. Dat vraagt dat je met een andere blik ergens naar kijkt of met een ander oor luistert. Alleen een stuk gaan wandelen is dus niet voldoende. Je wilt onderweg ook kijken naar bijvoorbeeld de verschillende kleuren groen, de gedachtes die je hebt of dezelfde route in verschillende seizoenen ervaren en daar dan vervolgens iets mee doen.
Omdat ik inmiddels bedreven genoeg ben in het wandelen an sich, ben ik sinds 2015 deze extra dimensie gaan ontdekken. Ik ga dan ook geregeld met een nieuwe blik of een ander thematiek op pad. Het is een manier om het contact tussen mijn innerlijke natuur en de natuur om me heen te verdiepen. De ene keer is het een wandeling van nog geen uur, terwijl ik een andere keer meerdere dagen onderweg kan zijn. Vormen die ik vaak gebruik zijn: verhalen en foto’s. Daarbij komen uiteraard de vaardigheden als fotografie en schrijven aan de orde waarin ik mezelf ook heb ontwikkeld door het doen van verschillende cursussen. Maar soms is ook noodzakelijk om zelf dingen te (her)ontdekken, zoals het naaien van kleding. Zo ontstaat er dus heuse wandelkunst. Ik vertel je daar graag wat meer over.
Wat is nou die wandelkunst?
Voor mij ontstaat wandelkunst allereerst uit de drang om te willen wandelen, te bewegen. Nu ga ik wel eens verder dan het overgrote deel van de mensen. Maar het is iets wat ieder mens kent, want anders had je namelijk niet leren lopen. Ook mensen die niet kunnen lopen, hebben de drang om zich voort te bewegen. Daarnaast heb ik ook de drang om anderen iets te vertellen en te laten zien. Waar dat nou precies vandaan komt, weet ik ook niet precies. Het is in ieder geval wel duidelijk de pedagoog in mij. Dan heb ik nog slechts 1 ingrediënt nodig en dat is een eerste idee.
Dat kan echt uit verschillende hoeken komen. Een citaat uit een boek, een bijzondere ervaring of tijdens het staren naar een topografische kaart. Ik maak dan verschillende aantekeningen in een schrift, google informatie en beelden. Ook heb ik vaak wel een grof idee hoeveel tijd ik eraan kan en wil besteden. Dat laat ik dan meestal even ‘sudderen’. Wat betekent dat ik er nog even niks concreets mee doe. Maar af en toe nog wel wat tegenkom of uitzoek en er met anderen over praat.
Dan komt er een moment dat ik alles uitwerk in een plan. Het liefst past dat op een A4-tje, waarin ik kort de inhoud en mijn werkwijze schets. Maar ook wanneer ik dat ga doen en waar ik het ga presenteren. Een goede (werk)titel hoort er ook bij. Ook dat laat ik vaak nog even liggen, zodat ik het nog aan kan vullen of wijzigen. Vaak vind ik het fijn om eerst een proef te doen om te kijken of het wel werkt wat ik bedacht heb. Als al deze aspecten blijken te kloppen, is mijn plan definitief en ga ik het uitvoeren. Zoals eerder vermeld is kunst een bewuste creatie.
Ook jij kunt wandelkunst beoefenen
Naast dat je graag wandelt, vind je het leuk om iets te creëren met een bepaald doel. Je kunt ook een plan maken. Of dat nu op papier is of in je hoofd. Dan ga je het ook daadwerkelijk uitvoeren. Het is helemaal niet erg als het de eerste keer misschien niet zo goed lukt. Evalueer wat je een volgende keer anders of beter kunt doen. En bedenk: ‘Oefening baart kunst’.
Meer wandelkunsten van mij vind je op: Wandelkunsten.
